Johan ter Selhorst, rechtzaak 1539
GeplaatstCOLON 17 Feb 2011, 20:33
Wie weet welke hoeve Selhorst onderstaande rechtzaak betreft? Het komt uit het richterboek twente 1539 Oct. 18.
In zake Jan Dop, als gemagtigde van Adriaen van Rede, maarschalk, tegen Johan ter Selhorst over ΒΌ van den Selhorst, door aanl. gekocht van Griete ten Westenhuse en Bernt haren man, als mede-erfgenamen van de Selhorst, waarop verw. antwoordt, dat hij aan Griete, zijn zuster, haar aandeel toestaat, aanbiedende haar dat te ?veroersaeten," daar het een leengoed van den Keizer is, dat niet gesplitst mag worden, en met welk leen hij zegt beleend te zijn door zijn leenheer mr. Johan Langen Dr., gelijk deze, aanwezig zijnde, bevestigt, is geklaard: dat aanl. naar advenant van Griete's portie van haar negende deel (want toen de vader stierf waren 9 kinderen tot het erve geregtigd) met ?veroersatinge" tevreden gesteld zal worden, ?overeenkomstig een moetzoen gesloten in tegenwoordigheid van den Landdrost van Twenthe, als leenheer en anderen, waarin het goed op het hoogste getaxeerd is, nl. op 325 ggl., gelijk naar landregt gewoonte is; aang. voorts een leen niet geplitst worden mag, en er door tijdsverloop veel schade voor verw. is ontstaan, die als buiten 's lands in Brabant vertoevende, tot zijn groote kosten, de zaak heeft moeten vervolgen voor den Stadh. is den verweerder voor interessen en schade (welke hij op 104 ggl. schat) bij moderatie toegekend 60 ggl., welke hij van den aanl. met regt eischen mag, behoudens des Keizers hoogheid en geregtigheid op de actie van geweld, in dezen geschied.
Vanwege de herkomst, Twente, vermoed ik Ypelo. Wie o wie kent deze familie Selhorst?
Dank!
Tony
In zake Jan Dop, als gemagtigde van Adriaen van Rede, maarschalk, tegen Johan ter Selhorst over ΒΌ van den Selhorst, door aanl. gekocht van Griete ten Westenhuse en Bernt haren man, als mede-erfgenamen van de Selhorst, waarop verw. antwoordt, dat hij aan Griete, zijn zuster, haar aandeel toestaat, aanbiedende haar dat te ?veroersaeten," daar het een leengoed van den Keizer is, dat niet gesplitst mag worden, en met welk leen hij zegt beleend te zijn door zijn leenheer mr. Johan Langen Dr., gelijk deze, aanwezig zijnde, bevestigt, is geklaard: dat aanl. naar advenant van Griete's portie van haar negende deel (want toen de vader stierf waren 9 kinderen tot het erve geregtigd) met ?veroersatinge" tevreden gesteld zal worden, ?overeenkomstig een moetzoen gesloten in tegenwoordigheid van den Landdrost van Twenthe, als leenheer en anderen, waarin het goed op het hoogste getaxeerd is, nl. op 325 ggl., gelijk naar landregt gewoonte is; aang. voorts een leen niet geplitst worden mag, en er door tijdsverloop veel schade voor verw. is ontstaan, die als buiten 's lands in Brabant vertoevende, tot zijn groote kosten, de zaak heeft moeten vervolgen voor den Stadh. is den verweerder voor interessen en schade (welke hij op 104 ggl. schat) bij moderatie toegekend 60 ggl., welke hij van den aanl. met regt eischen mag, behoudens des Keizers hoogheid en geregtigheid op de actie van geweld, in dezen geschied.
Vanwege de herkomst, Twente, vermoed ik Ypelo. Wie o wie kent deze familie Selhorst?
Dank!
Tony